Tussenmens

Wat is een TUSSENMENS

 

‘Tussenmens’, is een metafoor voor de bestaanswijze van de vrije kunstenaar. Zijn positie bevindt zich tussen het brein en de werkelijkheid, het gebied waarin hij de wereld schept en maakt, zijn speelsels.

Door de toegenomen feitelijke kennis van het brein en de (werkelijke) werkelijkheid wordt de gespleten wisselwerking tussen brein en omgeving, duidelijker en pijnlijk zichtbaar. Hij alleen, kan als tussenmens dit gebied aanschouwen en níet beredeneren. Zijn onbevangen tussenpositie, zijn aandacht voor de werking van het brein en de invloeden van de (werkelijke) werkelijkheid maken de beschouwende vrije kunstenaar, verantwoordelijk voor zijn existentie.

Zowel het kunstonderwijs als de wetenschappen hebben tot nu toe deze nieuwe positie, de bestaanswijze van de vrije kunstenaar als de tussenmens niet onderzocht. De tussenmens heeft in deze positie geen enkele maatschappelijke rol. ‘Tussenmens’, dit existentiële bestaan, zou een aanvulling voor het kunstonderwijs kunnen worden.


Auteur: Robert Kruzdlo 2020

 

To catch a glimpse.

 

Als je geen ogen in je kop hebt hoe is het dan mogelijk dat ik, in mijn droom, frisse groene rucola zie.

 

Soms vang ik, in een korte verschijning en zonder dat ik dat wil,  een glimp van mijn ander zelf op. Ik ben dan even niet die ik was of nu ben. Ik ben even de ander en niet de ander die mij maakt: Nooit. Vreemd niet? 

 

De existentie is een puur chemische en neuraal-elektrische werking van mijn brein. Het kiezen wie ik ben is onmogelijk. Ik denk dat ik niet ben wie ik ben en ook nooit zal worden wie ik ben; ik ben een derivaat van mijn hersenwerkingen. Er valt niets aan te doen. 

 

Ik, hoe kom ik van die ik er af? Ik verlang de ander te zijn. Soms vang ik een glimp op van mijn brein die zonder het ik zijn werk doet. Het maakt mij blij. Het ik is er even niet.

 

Vannacht droomde ik over groenten. Ik zag de kleur groen in allerlei schakeringen. Er hing een uithangbordje bij: groeten. Vooral de groente rucola was prominent aanwezig. In de droom vroeg ik: als je geen ogen in je kop hebt hoe is het dan mogelijk dat ik frisse groene rucola zie. Een antwoord kreeg ik niet en dat voelt als een liefdeloos gemis. Een gemis dat zich alleen afspeelt in mijn hoofd. En wie ben ik om daar met een pincet in te roeren en te zoeken. Het brein kan zonder ik en de vragen die ik stel al helemaal.

 

Die rucola en de glimp van mijzelf is dat chemisch? Van die vraag lig ik niet wakker van. De wereld om mij heen, de beelden, emoties, gevoelens en het verstandelijk gebruik daarvan is allemaal een chemisch neuraal proces. Dank u, zeg ik tegen mijn brein. Dat ik als kunstenaar de natuur dankbaar ben, want…, ik kan vanuit dit standpunt beide kanten aanschouwen. 

 

In mij, in mijn brein moet een autodidactische “schrijver” zitten, een kunstenaar en ik mag het exploiteren omdat ik tussen brein en de werkelijkheid insta. Ik ben een TUSSENMENS. 

 

Mijn verlangen gaat dan ook uit naar de boekenschrijvers: literatuur zou hierover moeten gaan. Een boek slecht of goed geschreven maak niets uit. Dat de meeste mensen liever alleen goede en slechte boeken met al zijn bekende talige ingrediënten en syntaxissen willen lezen, zonder enige afwijking, zeg veel. Echte literatuur wil dit niet. Literatuur is een brein zonder ik waarin eens schrijvertje zit die ik nooit word.

 

Voorbeeld: “De handeling van dit verhaal zal ertoe leiden dat ik ‘transformeer in een ander’ en uiteindelijk materialiseer in een object. Ja, en misschien bereik ik de blokfluit waar ik me als een soepele liaan omheen zal winden”, schreef Clarice Lispector.

 

Vrijheid is aanvaarden dat het ik, het bestaan niet logisch is, maar chemisch. Het brein functioneert zonder ik veel beter. Dat komt omdat het brein zichzelf niet kan observeren. Het brein is natuur tussen de natuur: het binnen en buiten. Bloed, tranen, zweet, sex, honger en nog veel meer. 

 

In de literatuur zou die IK als een abject persoon duidelijk naar voren moeten komen. Hoe weet ik niet precies? 

 

Of zoals Sartre zegt: Het ik is een dingetje van het brein.

 

@robertkruzdlo april 2021

 

 

Antony and the Johnsons

 

'Oh I'm scared of the middle place between life and nowhere.'

 

 

 

Uit het boek KERMIS

(...) Alsof ik mijn zwaartekracht en evenwicht even verloren ben en in een denkbeeldige ravijn tuimel, herinner ik de vrouwen bij de bakker die tegen mij gezegd hebben: drek ben je. Vooral natuurlijk omdat ik naar hun inschatting niet ouder dan dertien jaar - een jongmens met een zo’n vuile broek? Ik had het goed gehoord: ‘Daar staat drek’. Het zou zomaar waar kunnen zijn, maar ik heb het verder niet tot mij door laten dringen dat ik alleen drek ben – ik zou anders ter plekke gek, woedend geworden zijn: iets in mij, in mijn hoofd, wil dat niet. Drek? Wie is er nu drek? Een zigeuner ben ik misschien, maar drek!? Crapuul misschien? Maar toch, ik moest nog groeien, mijn vorm vinden of moest ik als tussenmens tussen de varkens van vrouwen blijven leven?

Veranderen kan ik hun gedrag niet. Ik ben nu eenmaal zoals zij naar mij kijken, samengebald in één woordje drek? Dat heb ik toch echt gehoord: ‘Dat daar, dat is drek’. En om de rancune tegen mijn lot en ook om de vreugde die in mijn hoofd ontvlamde, hun een hak wilde zetten; als een rutschbaan op de kermis, besloot ik vanaf nu als drek door het leven te gaan. 

 

Boek KERMIS van de schrijver Robert Kruzdlo komt hopelijk dit jaar uit bij..., uitgever is nog niet bekent.

@robertkruzdlo maart 2021

 

Literatuur krom of recht wordt niet door alle schrijvers geschreven

 

(...) Schrijven, dat kunnen de meesten, maar literatuur schrijven? Voor alles heb je een gereedschapskist nodig. Heb je die niet? Lees door, na een tijdje weet ik wat ik bedoel: Je volgt een cursus creative writing, houd je strikt aan de regels en je levert het manuscript in. Waarom zou ik mezelf dwingen om op die manier te schrijven? Ben je jong, gender, zojuist uit de kast gekomen, een blauwe maandag bewusteloos geweest omdat je agressieve moeder een pan spaghetti boven papa’s krant leeg kieperde; vader een dweil van een man is en de adolescent uit een huis vol crisissen vlucht. Als het maar schokkend is. Of neem het geloof dat je onderdrukt en niemand meer goed kan doen; je hormonen slikt omdat je een tussenmens bent, ex-vluchteling, een nymfomane moeder hebt, pedofiele ouders, buiten je moedertaal een andere taal hebt geleerd, kortom als je maar trauma’s hebt opgelopen, de gebeurtenissen het bloed onder je nagels halen, door elkaar geschud. Trauma’s en nog eens trauma’s. 

 

Uit Literatuur is geen boek van Jesus Alvaro Distantio 1932

 

@robertkruzdlo januari 2021.